Wie heeft recht op de eindejaarspremie?
- Arbeider in de referteperiode
De referteperiode loopt van 1 juli van het vorige jaar tot 30 juni van het premiejaar. Om recht te hebben op een eindejaarspremie moet een werknemer tijdens deze referteperiode als arbeider ingeschreven staan in het personeelsregister van een onderneming voor goederenvervoer over de weg voor rekening van derden en/of een onderneming voor goederenbehandeling voor rekening van derden. De onderneming moet behoren tot de RSZ-categorie 083.
- Minimumprestaties in de referteperiode
Het bedrag van de eindejaarspremie wordt individueel toegekend. Het hangt af van de prestaties die door de werkgevers uit de RSZ-categorie 083 werden aangegeven aan de RSZ in de periode vanaf 1 juli van het vorige jaar tot 30 juni van het premiejaar.
Om recht te hebben op een eindejaarspremie moet in de referteperiode voor de arbeider minstens € 3.718,40 brutoloon aangegeven zijn.
Wat als de arbeider in de referteperiode niet aan dit minimum brutoloon komt door arbeidsongeschiktheid? Om het minimumloon te berekenen wordt dan rekening gehouden met een fictief loon voor gelijkgestelde dagen op volgende wijze:
- het loon van de referteperiode wordt gedeeld door het aantal dagen waarvoor het geldt;
- dit gemiddelde dagloon wordt vermenigvuldigd met het aantal gelijkgestelde dagen;
- het resultaat wordt bij het effectief verdiende loon bijgeteld.
De eindejaarspremie wordt toegekend als de optelsom hoger is dan of gelijk aan € 3.718,40.
Opgelet: het bedrag van de eindejaarspremie zelf wordt uitsluitend berekend op basis van de brutolonen die aan de RSZ effectief werden aangegeven!
Hoeveel bedraagt de premie?
De bruto eindejaarspremie bedraagt 5% van het brutoloon aan 100% dat door de werkgever(s) in de referteperiode werd aangegeven aan de RSZ.
Het SFTL betaalt de eindejaarspremie uit met een overschrijving op de rekening van de werknemer. Als het SFTL niet tijdig beschikt over de bank- of postrekening van de werknemer, wordt de premie uitbetaald met een circulaire cheque op zijn naam indien hij in België gedomicilieerd is en het SFTL zijn adres kent.
- Opvragen van de bank- of postrekening
Het SFTL stuurt elke rechthebbende in de loop van de maand november van het premiejaar een brief met het nettobedrag van zijn eindejaarspremie voor dit jaar. In deze brief vraagt het SFTL de rechthebbende om zijn bank- of postrekening per kerende post door te geven met het strookje onderaan de brief. Dit strookje moet in de briefomslag met voorgedrukt adres gestoken worden die bij de brief zit. Deze briefomslag hoeft niet gefrankeerd te worden.
Het SFTL kan de eindejaarspremie alleen met een overschrijving uitbetalen als het strookje met de (nieuwe) bank- of postrekening van de rechthebbende ten laatste op 30 november van het premiejaar toekomt op het adres van de SmalS-MvM, c/o SF Transport, op naam van mevrouw Van den Broeck, Koninklijke Prinsstraat 102 te 1050 Brussel.
- Vragenlijst over adressen van werknemers zonder of met buitenlands adres
Het SFTL stuurt de brief voor de rechthebbende(n) op een eindejaarspremie zonder officieel domicilie in het Rijksregister naar de laatst gekende werkgever uit de referteperiode. Deze werkgever bezorgt de brief aan de betrokken arbeider en dringt erop aan dat hij de strook onderaan de brief invult en per kerende post stuurt naar de Smals-MvM, c/o SF Transport, op naam van mevrouw Van den Broeck, Koninklijke Prinsstraat 102 te 1050 Brussel. Om de eindejaarspremie tijdig uit te kunnen betalen, moet deze strook ten laatste op 30 november van het premiejaar toekomen.
Samen met deze brief ontvangt de werkgever in november van het premiejaar een vragenlijst over adressen. Hij zal van de betrokken rechthebbenden de ontbrekende adressen invullen en de onvolledige adressen vervolledigen. Hij zal ook hun bankrekening invullen, zodat het SFTL hun premie kan uitbetalen.
Op de vragenlijst over adressen kunnen ook buitenlandse werknemers en, als bekend bij het SFTL, hun adres voorkomen. De werkgever controleert deze adressen en, als nodig, verbetert of vult aan. Hij vult ook de bankrekening (IBAN- en BIC-code) van deze werknemers in. De premie van buitenlandse werknemers waarvan ons geen Belgische bank- of postrekening bekend is, wordt voortaan uitsluitend per buitenlandse overschrijving uitbetaald.
Om het SFTL toe te laten de eindejaarspremies tijdig uit te betalen, moet de vragenlijst over adressen ten laatste op 30 november van het premiejaar toekomen bij de Smals-MvM, c/o SF Transport, op naam van mevrouw Van den Broeck, Koninklijke Prinsstraat 102 te 1050 Brussel.
- Wanneer betaalt het SFTL de eindejaarspremie?
Als tijdig een bank- of postrekening werd doorgegeven, schrijft het SFTL de eindejaarspremie vanaf 20 december van het premiejaar.
Anders betaalt het SFTL de premie van in België gedomicilieerde arbeiders uit met een circulaire cheque. Deze cheque wordt uitgeschreven op naam van de rechthebbende en is niet betaalbaar aan order. Het SFTL stuurt de cheque in de loop van de laatste week van december van het premiejaar of de eerste week van januari van het daaropvolgende jaar naar het adres van de werknemer dat in november van het premiejaar als officieel domicilie geldt bij het Rijksregister of, bij gebrek daaraan, naar het adres dat de werkgever op de vragenlijst heeft ingevuld.
- Wanneer betaalt het SFTL de eindejaarspremie van buitenlandse arbeiders?
De premie van arbeiders die in het buitenland gedomicilieerd zijn, wordt vanaf 20 december van het premiejaar uitbetaald uitsluitend per overschrijving naar hun Belgische of buitenlandse bankrekening.
- Overzichtslijst voor de werkgever
Rond 20 december van het premiejaar ontvangt elke werkgever van het SFTL een overzichtslijst met inlichtingen over de eindejaarspremies die werden toegekend aan de arbeiders waarvan hij in de referteperiode de laatste werkgever uit de RSZ-categorie 083 was.
- Hoe wordt de eindejaarspremie van het bedrijf berekend?
-
Mogelijkheid 1: het bedrijf betaalt geen buitengewone eindejaarspremie.
Het bedrijf heeft dan in het kader van de eindejaarspremie geen verplichtingen meer.
-
Mogelijkheid 2: het bedrijf betaalt een buitengewone eindejaarspremie die hoger is dan de eindejaarspremie die het SFTL betaalt in uitvoering van de CAO.
De werknemer krijgt dus van het bedrijf een bruto premie die hoger is dan de bruto premie die hij van het SFTL krijgt. De premie van het SFTL moet niet samengevoegd worden met de premie van het bedrijf.
Wat moet de werkgever in dit geval doen?
De eindejaarspremie van het bedrijf splitsen door volgende berekening:
de werkgever mag het bruto bedrag van de premie van het SFTL aftrekken van het bruto bedrag van de premie van het bedrijf, ongeacht de berekeningswijze daarvan.
Het zo berekende bruto saldo van de premie van het bedrijf blijft onderworpen aan de gewone regels die gelden voor het loon (RSZ en bedrijfsvoorheffing). Het zal dus resulteren in een netto bedrag.
De werkgever moet enkel dit netto bedrag aan de werknemer betalen en de sociale en fiscale verplichtingen aangaande het bruto saldo vervullen.
Voorbeeld:
Chauffeur Desmet krijgt van zijn werkgever Lenders een eindejaarspremie van € 875,00. Van het SFTL krijgt Desmet een bruto eindejaarspremie van € 779,05.
Lenders maakt volgende berekening: € 875,00 - € 779,05 = € 95,95.
Voor dit saldo gelden de gewone regels van de RSZ en de bedrijfsvoorheffing: het resulteert dus in een belastbaar bedrag van € 82,41 en in een netto bedrag van € 47,22.
Lenders betaalt aan Desmet € 47,22. Hij geeft het bruto bedrag van € 95,95 aan de RSZ aan en het belastbaar bedrag van € 82,41 aan de belastingen.
Sociale en fiscale verplichtingen
Omdat het SFTL de eindejaarspremies betaalt, moet het de sociale en fiscale verplichtingen nakomen die daaruit voortvloeien.
Het SFTL geeft aan de RSZ alle eindejaarspremies aan. Het SFTL houdt dus de werknemersbijdrage af van de eindejaarspremie.
De werkgever mag de door het SFTL toegekende premie dus NIET opnemen in zijn DMFA-aangifte.
De Administratie van de bedrijfs- en inkomensfiscaliteit staat uitzonderlijk toe dat de eindejaarspremie van het SFTL tegen een éénvormig tarief van 20% (zonder vermindering) wordt onderworpen aan de bedrijfsvoorheffing.
Het SFTL houdt dus van alle premies bedrijfsvoorheffing af. De betrokken arbeiders krijgen van het SFTL een loonfiche 281.10. Zo kunnen zij bij hun belastingaangifte rekening houden met de bedrijfsvoorheffing die door het SFTL werd afgehouden en betaald.
De werkgever moet dus de door het SFTL betaalde premie NIET opnemen in de loonfiche 281.10 van de werknemer. Het SFTL maakt voor deze premie een aparte loonfiche. Het SFTL bezorgt deze fiche in het begin van het jaar dat volgt op het premiejaar aan de werknemers.
- Bedrijfsvoorheffing Franse grensarbeiders
Om de uitbetaling van de bedrijfsvoorheffing te bekomen, moet een Franse grensarbeider tegen uiterlijk de maand november van het premiejaar een formulier type 276Grens over het premiejaar bezorgen aan het secretariaat van het SFTL.
Aan Franse grensarbeiders wordt de bedrijfsvoorheffing alleen uitbetaald als kan aangetoond worden dat de betrokken werknemer zijn beroepsactiviteit daadwerkelijk en uitsluitend in de grenszone uitoefent.
Als het formulier type 276Grens niet tijdig werd bezorgd, kan een Franse grensarbeider bij het secretariaat van het SFTL een attest bekomen waarmee hij de ten onrechte ingehouden bedrijfsvoorheffing kan terugvragen aan de Belgische belastingdiensten.
Tot wie moet u zich wenden voor informatie over de berekening en de uitbetaling van de premie?
UITSLUITEND SCHRIFTELIJK:
- per brief: Secretariaat van het Sociaal Fonds, de Smet de Naeyerlaan 115, 1090 Brussel.
- per fax: 02/424.05.34
- per e-mail : info@sftl.be
U moet volgende gegevens ZEKER vermelden:
-
het RSZ-nummer van de onderneming
-
het rijksregisternummer, adres en bank- of postrekeningnummer of BIC en IBAN-code van de betrokken werknemer(s).